Het Negerprobleem en Sex Libris Van Ussel (oude collectie LWBIB)

Het Negerprobleem en Sex Libris van Ussel zijn twee rubrieken die vroeger in de Faculteitsbibliotheek Letteren en Wijsbegeerte bestonden, maar heden gewoon zijn opgenomen in de collectie van de universiteitsbibliotheek. Naast het feit dat deze in de kelder van de Faculteitsbibliotheek werden ontdekt bij de verhuis van de L27 collectie (moraalwetenschappen), is er weinig tot niets geweten over het ontstaan en evolutie van de rubrieken.

Wat wel is geweten is welke boeken er precies in de rubrieken waren opgenomen. Bij de rubriek Het Negerprobleem ging het om boeken zoals “De rassenstrijd in Amerika,” “White over black: American attitudes toward the Negro, 1550-1812,” “The middle-class Negro in the white man’s world,” enzovoort.

Bij de rubriek Sex Libris van Ussel ging het om boeken zoals “La révolution sexuelle,” “Erotiek en extase: een boek over antieke en moderne liefde,” “Het huwelijk. Benadering vanuit een christelijke levensbeschouwing,” enzovoort.


Bibliografie

Bronnen

Brink, William, en Louis Harris. De Rassenstrijd In Amerika. Amsterdam: De Bussy, 1965.

Ginzberg, Eli. The Middle-Class Negro In the White Man’s World. New York: Columbia University Press, 1967.

Jordan, Winthrop D. White Over Black: American Attitudes Toward the Negro, 1550-1812. Repr Baltimore: Penguin, 1971.

Pálóczi Horváth, György, en Georges Magnane. La Révolution Sexuelle. Frankrijk: Gallimard, 1967.

Pas, Paul, Het Huwelijk.: Benadering Vanuit Een Christelijke Levensbeschouwing. Antwerpen: Patmos, 1968.

Van Lumey, Jan, en W. J. J De Sauvage Nolting. Erotiek En Extase: Een Boek Over Antieke En Moderne Liefde. 4e dr. Amsterdam [etc.]: Wereldbibliotheek, 1956.

Voormalige collectie Het Negerprobleem.

Voormalige collectie Sex Libris Van Ussel.

Literatuur

The Adventures of Huckleberry Finn (Mark Twain, 1882)

The Adventures of Huckleberry Finn speelt zich af tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865). Mark Twain begon aan de roman in 1876. Centraal staan het streven naar onafhankelijkheid en de zoektocht naar identiteit van de dertienjarige Huck en van voormalig slaaf Jim.

In zijn beschrijving van de Amerikaanse samenleving in de negentiende eeuw, is Twain erg kritisch voor de slavernij en het racisme van zijn tijd. In een hedendaagse lectuur van het boek echter, worden taalgebruik (‘nigger’), en gehanteerde stereotypen mbt Indianen, zwarten en Chinezen, door Afro-Amerikanen vandaag de dag als bijzonder kwetsend ervaren.

In The Adventures of Tom Sawyer, een ander boek van Mark Twain uit 1876, is de Indiaan slecht vanwege zijn Indiaans bloed. En in Innocents Abroad (1869) en Roughing it (1872) worden Indianen vergeleken met gorilla’s, kangoeroes en Noorse ratten.

Zo zijn Mark Twains boeken zelfs 100 jaar na zijn dood nog onderwerp van controverse. In 2011 werd besloten een gecensureerde versie van The Adventures of Huckleberry Finn uit te geven waarin de woorden ‘injun’ en ‘nigger’ vervangen werden door ‘Indiaan’ en ‘slaaf’.


Bibliografie

Bronnen

Twain, Mark. The Adventures of Huckleberry Finn. New York: Fawcett Columbine, 1997.

Literatuur

Messent, Peter. “Censoring Mark Twain’s ‘n-words’ is unacceptable.” The Guardian. 05.01.2011. Geraadpleegd 11.09.2017. Https://www.theguardian.com/books/booksblog/2011/jan/05/censoring-mark-twain-n-word-unacceptable.

Nelson, Emmanuel. Ethnic American Literature An Encyclopedia for Students. Westport: ABC-CLIO, 2015.

Wilson, Charles E. Race and racism in literature. Westport: Greenwood Press, 2005.

Het zwarte kalf van Zoeloeland: een verhaal uit de strijd van de Boeren tegen Dingaan (1838) (Pieter de Zeeuw, 1959)

Zwarte personages werden in Westerse literatuur vaak stereotiep afgebeeld. Ze werden vaak vergeleken met dieren, als echo van Darwiniaans denken waarbij zwarten het dichtste bij apen zouden aansluiten. De cover van Het zwarte kalf van Zoeloeland toont deze associatie goed aan. Door de lijn te trekken van zwarten naar dieren, worden ze ontmenselijkt en wordt de waarde gelegd op de ‘superieure’ Westerse waarden.


Bibliografie

Bronnen

De Zeeuw, Pieter. Het zwarte kalf van Zoeloeland: een verhaal uit de strijd van de Boeren tegen Dingaan (1838). Delft: W.D. Meinema, 1959.

Literatuur

Pieterse, Jan Nederveen. Wit over zwart. Beelden van AFrika en zwarten in de westerse populaire cultuur. Amsterdam: Koninklijk Instituut voor de Tropen, 1990.

 

Het Groote Negerboek (Willy Schermelé, 1932)

Willy Schermelé was een Nederlandse journaliste, tekenares en schrijfster die leefde van 1904 tot 1995. Schermelé staat vooral gekend om de reeks kinderboekjes die ze publiceerde, waarbij ze zowel de teksten als de prenten verzorgde. In 1932 bracht Schermelé Het groote negerboek uit, een kinderboek met “nikkertjes omdat kinderen daar nu eenmaal belangstelling voor hebben.” In die tijd verschenen er wel meer van dit soort boeken. Typisch is dat de zwarte personages in het boek domme, oneerlijke of andere onaangename karaktertrekken hebben. Ze zijn ‘wilden’. Een recensie uit die periode toont aan dat weinigen deze stereotypering opmerkten. De recensent keurt af dat Schermelé het Negerland had uitgebreid tot de Stille Zuidzee en Nieuw-Guinea.


Bibliografie

Bronnen

Schermelé, Wilhelmina. Het groote negerboek: oorspronkelijke en bewerkte verhalen, sprookjes, fabels, versjes, grapjes, enz. Amsterdam: Van Holkema & Warendorf, 1932.

Literatuur

Duijix, Toin en Joke Linders. De Goede Kameraad. Honderd jaar kinderboeken. Houten: Van Holkema en Warendorf, 1991.

 

De neger die wit wilde zijn (Jo Otten, 1947)

Tijden veranderen. En gelukkig maar. Dit kinderboek uit 1947 toont goed aan waarom.

De titel en de cover spreken al boekdelen: stereotiep en denigrerend. Vandaag ondenkbaar. Iets meer dan een halve eeuw geleden doodnormaal. In het boek zelf wordt gespeeld met de tegenstelling tussen zwart (voorgesteld als vuil, zondig en slecht) en blank. Het is de zwarte die wit, schoon en goed wil worden. De zwarten worden in het boek voorgesteld als grote kinderen die door blanken moeten opgevoed worden.

Voor de hedendaagse lezer is de koloniale geest die in het boek rondwaart, ronduit schokkend. Maar misschien ook leerzaam. Het boek toont indirect dat stereotiepe beeldvorming niet zo onschuldig is als ze soms lijkt.

Bibliografie

Bronnen

Otten, Johannes Franciscus. De neger die wit wilde zijn. Bussum: F.G. Kroonder, 1947.

Literatuur

Pieterse, Jan Nederveen. Wit over zwart. Beelden van Afrika en zwarten in de westerse populaire cultuur. Amsterdam: Koninklijk Instituut voor de Tropen, 1990.

Takken, Wilfred. “Oom Tom was geen Uncle Tom.” Nrc. 23.09.2005. Geraadpleegd 17.08.2017. Https://www.nrc.nl/nieuws/2005/09/23/oom-tom-was-geen-uncle-tom-10630348-a167045.

Sambo, ga je mee? (Leonard Roggeveen, 1939)

Leonard Roggeveen (1898-1959), Nederlands onderwijzer en jeugdauteur, publiceert in 1939 Sambo, ga je mee?. Net als Het Groote Negerboek  en De neger die wit wilde zijn is ook dit kinderboek een mooie illustratie van de koloniale stereotypen van die tijd.

In de openingscène gaat het als volgt:

Daar was eens een klein jongetje. En dat jongetje was een zwàrt jongetje. Ja, dat was natuurlijk een negerjongetje! En dat negerjongetje heette Sambo! Alléén maar Sambo! Een achternaam…. die had hij niet! Vind je dat vreemd? Ja, ik óók! Maar och….! Wat zal je dááraan doen….!
Sambo had een rood broekje aan. En ringen in zijn oren. En kralen om zijn hals. En óók om zijn benen. Andere kleren droeg Sambo niet. Dat is niet veel, hè? Maar Sambo was er tevreden mee! Negerjongetjes hebben meestal niet veel kleren aan! Dat zijn ze zo gewoon! [Pagina 3-5]

Het woord ‘neger’ is courant, en Sambo wordt voortdurend afgezet tegen Westerse gebruiken en gewoontes. Het jongetje is primitief, hij heeft geen achternaam en draagt amper kleren. Vandaag zouden we dit boek zonder meer als ‘fout’ omschrijven. In Roggeveens tijd werden kinderen op jonge leeftijd met de erin beschreven vooroordelen gesocialiseerd.

Bibliografie

Bronnen

Roggeveen, Leonard. Sambo, ga je mee? ‘s-Gravenhage: Van Goor, 1939.

Literatuur

Pieterse, Jan Nederveen. Wit over zwart. Beelden van Afrika en zwarten in de westerse populaire cultuur. Amsterdam: Koninklijk Instituut voor de Tropen, 1990.

Daalder, D.L. “Leonard Roggeveen.” In Jaarboek van de maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden, 1960-1961. Leiden: E.J. Brill, 1961.

De negerhut van oom Tom (Harriet Beecher Stowe, 1852)

De negerhut van oom Tom gold  als een bevrijdingssymbool tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865). In de loop van de 20ste eeuw werd het steeds vaker bekritiseerd omwille van de racistische stereotypen.

Gedurende de Amerikaanse Burgeroorlog had de roman een enorme invloed op de publieke opinie. Stowe was de eerste auteur die revolutionaire ideeën over zwarten openlijk in een roman formuleerde. Zo poneert Stowe onder meer dat zwarten evenveel kunnen als blanken. Daarnaast slaagde Stowe er in om met haar personage ‘oom Tom’ medelijden en schuldgevoelens op te wekken bij de lezers.

Maar de receptie van het boek veranderde tijdens de tweede helft van de 20ste eeuw. De negerhut van oom Tom werd niet langer als een emancipatiesymbool gezien, maar als een racistisch boek waarbij zwarten worden uitgebeeld als kinderen die heropgevoed moeten worden. ‘Uncle Tom’ werd zelfs een scheldwoord voor een beleefde Afro-Amerikaan die zich gedienstig opstelt en zich door een blanke laat vernederen.

Als we De negerhut van oom Tom vanuit een hedendaags perspectief benaderen, is het boek inderdaad racistisch: het houdt stereotypen in stand. Onder meer het woord ‘neger’ zorgt ervoor dat het boek door zwarte mensen als beledigend ervaren wordt. In de loop van de 20ste eeuw werd het woord ‘neger’ dan ook uit de titel van het boek verwijderd. Het boek is nu beschikbaar als De hut van oom Tom. 


Bibliografie

Bronnen

Beecher Stowe, Harriet, Nelly Weetjen en Edmond Van Offel. De negerhut van Oom Tom. Antwerpen: Opdebeek, 1932.

Beecher Stowe, Harriet. De hut van oom Tom. Houten: Van Goor, 2014.

Literatuur

Takken, Wilfred. “Oom Tom was geen Uncle Tom.” Nrc. 23.09.2005. Geraadpleegd 17.08.2017. Https://www.nrc.nl/nieuws/2005/09/23/oom-tom-was-geen-uncle-tom-10630348-a16704.

Pieterse, Jan Nederveen. Wit over zwart. Beelden van Afrika en zwarten in de westerse populaire cultuur. Amsterdam: Koninklijk Instituut voor de Tropen, 1990.

 

Pippi Langkous (Astrid Lindgren, 1952)

Wie is er niet opgegroeid met Pipi Langkous? Een klassieker. Maar ook een onschuldig kinderboek?  In 2011 kwam het boek voor het eerst in opspraak. Dr. Eske Wollrad, een Duitse feministische theologe, klaagde de racistische stereotypes in het boek aan. Volgens Wollrad is Pippi Langkous zelf niet racistisch, maar dienen de kinderboeken wel van de nodige voetnoten te worden voorzien om de koloniale stereotypen met een historische context te duiden. Toen Astrid Lindgren de Pippi Langkous-boeken in de jaren veertig schreef, heerste er een andere mentaliteit ten aanzien van zwarten. Onder meer de passage waarin zwarte kinderen voor Pippi Langkous en haar vrienden knielen, illustreet volgens Wollrad dit heersende koloniale beeld zeer goed. Astrid Lindgrens dochter Karin Nyman vond Wollrads aanklacht echter niet gegrond. De passage die Wollrad aanhaalt wordt namelijk gevolgd met Pippi Langkous die niet wil dat de kinderen knielen omdat alle kinderen, ongeacht hun huidskleur, gelijk zijn. Naast een aantal negatieve stereotypen bevat Pippi Langkous dus ook veel positieve beelden. Zo promoot Pippi Langkous als vrouwelijke protagoniste sterke vrouwen, zet ze zich af tegen elke vorm van autoriteit (ze woont alleen zonder ouders) en is ze tegen dierenmishandeling.

De hele Pippi Langkous-controverse brak opnieuw los in 2014, op hetzelfde moment toen het zwartepietendebat vorm kreeg in Nederland. De Zweedse publieke omroep SVT besloot om bepaalde afleveringen van Pippi Langkous te censureren. Ze bewerkten de afleveringen zodat Pippi’s vader geen ‘negerkoning’ meer was maar wel een gewone ‘koning’. Ook de scene waarin Pippi een Chinees nadoet door haar ogen tot spleetjes te trekken werd uit de tv-serie geknipt. Een hele Pippi-discussie brak uit: critici verweten de omroep van een overspannen reactie, geschiedvervalsing en heiligschennis. De in 2002 overleden Astrid Lindgren zou haar in haar graf omdraaien als ze van deze bewerkingen zou horen. De omroep sprak dit verwijt tegen: Lindgren gaf in de jaren 1970 zelf toe dat elementen uit haar boeken toch soms wat bizar waren. In 2015 besloot Karin Nyman ten slotte om in nieuwe edities van de Pippi Langkous boeken ‘negerkoning’ te vervangen door ‘koning van de Stille Zuidzee’ om verdere controverse en discussie te vermijden.

Hoewel sommigen beweren dat er nooit ‘negerkoning’ heeft gestaan in de Nederlandse vertalingen van Pippi Langkous, illustreert de editie uit 2004 het tegengestelde. Onder meer in de eerste passages uit het hoofdstuk “Pippi krijgt hoog bezoek” (p. 221-232) komt het woord ‘neger’ meerdere malen voor.  Ook de inwoners van het Taka-Tuka-land worden beschreven als kannibalen die Efraïm Langkous bij aankomst onmiddellijk civiliseert.

Bibliografie

Bronnen

Lindgren, Astrid. Pippi Langstrumpf. Berlin: Kinderbuchverlag, 1998.

Lindgren, Astrid. Pippi Langkous. Amsterdam: Ploegsma, 2004.

Lindgren, Astrid. Pippi Langkous. Amsterdam: Ploegsma, 2017.

Literatuur

Flood, Alison. “Pippi Longstocking books charged with racism.” The Guardian. 09.11.2011. Geraadpleegd 11.09.2017. Https://www.theguardian.com/books/2011/nov/09/pippi-longstocking-books-racism.

Van der ploeg, Jarl. “Vader van Pippi Langkous mag geen ‘negerkoning’ meer zijn.” De Morgen. 01.10.2014. Geraadpleegd 11.09.2017. Https://www.demorgen.be/expo/vader-van-pippi-langkous-mag-geen-negerkoning-meer-zijn-b013909f/.

“Papa van Pippi Langkous is geen ‘negerkoning’ meer.” De Morgen. 14.02.2015. Geraadpleegd 11.09.2017. Https://www.demorgen.be/expo/papa-van-pippi-langkous-is-geen-negerkoning-meer-b6d1bb13/.

Ten little niggers (Agatha Christie, 1939)

Ten little niggers werd in 1939 in Londen gepubliceerd. In 1940 verscheen het boek ook in de VS, maar onder een andere titel: And then there were none. Hoewel de titel van de Engelse uitgave verwijst naar het volksgedichtTen Little Nigers, gaf men in de VS, uit piëteit voor de grote Afro-Amerikaanse gemeenschap, de voorkeur aan een alternatieve titel. And then there were none verscheen in de VS ook als Ten Little Indians (in wezen even beledigend als Ten Little Nigers) en als The Nursery Rhyme. Aan Agatha Christie’s werk wordt soms ook een antisemitische ondertoon toegeschreven. The Secret of Chimneys. is hiervan een voorbeeld.

Het volksgedicht Ten Little Nigers is eigenlijk een bewerking door Frank J. Green (1869) van het veel oudere Ten Little Injuns (indianen). Kinderen leren dus al meer dan honderdvijftig jaar tellen door niet-Westerse kinderen te laten verdwijnen, wat doorgaans op een niet zo prettige wijze gebeurt. In Frank J. Greens versie worden de niet-Westerse kinderen zwarte kinderen: ‘Ten Little Nigger Boys went out to dine; One choked his little self, and then there were Nine.’

Uit een analyse van een Duitse variant van het gedicht blijkt dat het steeds om kleine ‘negers’ gaat, die onvermijdelijk klein blijven, en niet leren uit hun fouten. De ‘negertjes’ hebben hun driften en lusten niet onder controle en vervallen telkens weer in excessen. Het onheil dat hen in het gedicht overkomt, is het gevolg van hun onmatigheid (te veel eten, dansen…).

Bibliografie

Bronnen

Christie, Agatha. Ten little niggers. Londen: Collins, 1982.

Christie, Agatha. And then there were none. Londen: Harper, 2015.

Christie, Agatha. Tien kleine negertjes. Amsterdam: Luitingh-Sijthoff, 1998.

Christie, Agatha. En toen waren er nog maar… Amstelveen: Pantheon, 2014.

Literatuur

Bunson, Matthew. The complete Christie: an Agatha Christie encyclopedia. New York: Pocket, 2000.

Pieterse, Jan Nederveen. Wit over zwart. Beelden van Afrika en zwarten in de westerse populaire cultuur. Amsterdam: Koninklijk Instituut voor de Tropen, 1990.

 

Kuifje in Congo (Hergé, 1931)

De avonturen van Kuifje waren al meerdere malen het onderwerp van verhit debat omtrent racisme. Een van de bekendste strips is Kuifje in Afrika. De strip heette oorspronkelijk Kuifje in Congo, maar omdat de titel naar België zijn koloniale banden met Congo verwees werd de titel in de jaren 1950 herleid tot Kuifje in Afrika. De strip bevat racistische beelden van zwarte mensen. De zwarten zien er bijna uit als apen, met grote oren en grote lippen. De ‘wilden’ moeten heropgevoed worden door Kuifje. In z’n tocht door Congo ontmoet Kuifje ook een katholieke missionaris. De strip moet binnen zijn historische context geplaatst te worden: Hergé leefde in een periode met een volledig andere tijdsgeest in vergelijking met vandaag.

Toch werd hij in 2007 veroordeeld door de Britse Commission for Racial Equality voor (onopzettelijk) racisme. Ook in de VS werd de strip veroordeeld. In België gaf de strip zelfs aanleiding tot een rechtszaak in 2007. Mbutu Mondondo Bienvenu, een Congolees die in België studeerde, diende naar aanleiding van de veroordelingen in het buitenland een klacht in tegen Hergé. Hij vond Kuifje in Afrika racistisch en beledigend voor de Congolezen. Mbutu Mondondo eiste dat de strip uit de handel werd genomen. Daarbovenop vroeg hij ook een symbolische schadevergoeding van 1 euro. Mbutu Mondondo verloor de rechtszaak: Hergé had nooit opzettelijk de bedoeling om racistische of kwetsende ideeën over Congolezen te formuleren. Een Fnacwinkel in Parijs besloot in 2014 om een sticker met daarop ‘Giftig product’ op Kuifje in Afrika te plakken.

Hergé is zeker niet de enige Belgische striptekenaar die van racisme wordt beschuldigd. Ook Marc Sleen, de geestelijke vader van Néro, werd door zijn eigen krant gecensureerd nadat hij een Afrikaanse politicus als een gorilla had getekend. De Suske en Wiske-strip Mami Wata, waarin zwarten als apen voorgesteld worden, kwam recent in opspraak.

Hoewel de klemtoon voornamelijk op de racistische portrettering van zwarten in de Kuifje-strips ligt, kan er zeker ook iets over de weergave van Chinezen gezegd worden. In het album De Blauwe Lotus reist Kuifje naar Shanghai waar hij tegen een opium verhandelende Chinese maffia moet vechten. De Chinezen worden niet alleen voorgesteld als de grote boosdoeners in het verhaal, maar worden ook racistisch afgebeeld met een gele huid, grote tanden en overdreven spleetogen. Hetzelfde geldt voor het album Kuifje in Amerika waarin indianen, de ‘roodhuiden’, worden voorgesteld als gevaarlijke wilden. De inwoners van Winnipeg dienden in 2015 in racismeklacht in tegen dit album.

Tot slot wordt Hergé, maar ook andere striptekenaars zoals Willy Vandersteen, ook antisemitisme verweten. Vandersteen werd in 2004 geïdentificeerd als de tekenaar van Nazikarikaturen in een Vlaamse krant van tijdens de Tweede Wereldoorlog.


Bibliografie

Bronnen

Hergé. Kuifje in Congo. S.n.: Casterman, 2011.

Hergé. Kuifje in Afrika. S.n.: Casterman, 1997.

Literatuur

Wijsen, Frans Jozef Servaas en Peter Nissen. ‘Mission is a must’: Intercultural Theology and the Mission of the Church. Amsterdam: Editions Rodopi, 2002.

Belga. “Na ‘Kuifje in Afrika’ nu ook racismeklacht voor ‘Kuifje in Amerika’.” Knack. 17.03.2015. Geraadpleegd 31.08.2017. Http://www.knack.be/nieuws/wereld/na-kuifje-in-afrika-nu-ook-racismeklacht-voor-kuifje-in-amerika/article-normal-542279.html.

Loncin, Joost. “Klacht voor racisme in ‘Kuifje in Congo’.” Het Nieuwsblad. 08.08.2007. Geraadpleegd 31.08.2017. Http://www.nieuwsblad.be/cnt/941fp8m8.

“Strip “Kuifje in Congo” is niet racistisch.” De Redactie. 05.12.2012. Geraadpleegd 31.08.2017. Http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/cultuur%2Ben%2Bmedia/kunsten/1.1497575.

Beernaert, Luc. “‘Kuifje in Congo’ krijgt sticker ‘Giftig product’ opgekleefd.” Het Laatste Nieuws. 10.12.2014. Geraardpleegd 31.08.2017. Http://www.hln.be/hln/nl/960/Buitenland/article/detail/2147967/2014/12/10/Kuifje-in-Congo-krijgt-sticker-Giftig-Product-opgekleefd.dhtml.

Vancaeneghem, Jens. “Dat is geen Afrikaanse man, maar een halve aap.” Het Nieuwsblad. 26.06.2017.

Buettner, Elizabeth. Europe after Empire: Decolonization, Society, and Culture. Cambridge: Cambridge University Press, 2016.

Kowner, Rotem en Walter Demel. Race and Racism in Modern East Asia: Western and Eastern Cosntructions. Leiden: Brill, 2014.

“Dalilla Hermans: “Ontzettend racistische afbeelding van zwarte man in “Suske & Wiske.”” De Redactie. 25.06.2017. Geraadpleegd 31.08.2017. Http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/cultuur%2Ben%2Bmedia/media/1.3009954.